Het festival van San Remo van 1964 was speciaal op een aantal vlakken. Voor het eerst kon elke artiest een eigen dirigent meebrengen. De nummers werden nog steeds door twee artiesten gebracht, maar deze keer was de tweede artiest een (grote) buitenlandse ster, zoals dat jaar bijv. Paul Anka, Gene Pitney en Frankie Avalon. Opvallend was ook dat er een stevige verjonging van de artiesten werd doorgevoerd en het festival ging dan ook de geschiedenis in omwille van de twee jonge sterren en hun hits die het voortbracht.

…opvallend was ook dat er een stevige verjonging van de artiesten werd doorgevoerd en het festival ging dan ook de geschiedenis in omwille van de twee jonge sterren en hun hits die het voortbracht…

De uit Verona afkomstige Gigliola Cinquetti had het jaar voordien een belangrijke talentenjacht gewonnen en mocht daardoor op haar 16de aantreden op San Remo. Gedoodverfde winnaar was de twee jaar oudere Bobby Solo uit Rome, die aan de rand van een doorbraak stond als een Italiaanse kopie van Elvis. Zijn artiestennaam kreeg hij nadat zijn vader aan de telefoniste van de platenfirma had doorgegeven dat hij maar ‘solo’ één voornaam had. Zo noteerde ze per ongeluk Solo als zijn achternaam. Maar Bobby Solo kreeg stemproblemen, kon op de avond van de finale niet optreden en werd gediskwalificeerd. Er werd toen beslist dat hij wel mocht playbacken. De roddel ontstond dat het een promotiestunt van de platenfirma was omdat het jonge tieneridool in wording op die manier een perfecte en relaxte performance kon geven. En dus won Gigliola Cinquetti het festival, tot ongenoegen van Domenico Modugno, die het als oude rot niet correct vond dat de jongeren in de prijzen vielen.

Gigliola had met ‘Non ho l’eta’ vooral de moeders en grootmoeders geraakt met haar mooie liedje, haar onschuld en haar sobere, maar professionele vertolking. Ze stond al snel op 1 in de Italiaanse hitparade en mocht naar het Songfestival. Ze won ook daar met een straatlengte voorsprong, scoorde een zeer grote Europese hit, ook nummer 1 bij ons, en zou 26 jaar lang de enige Italiaanse winnaar blijven. Maar in Italië verloor ze uiteindelijk toch het pleit van Bobby Solo. Zijn ‘Una lacrima sul viso’ was dan wel gediskwalificeerd, hij werd daarna tot morele winnaar uitgeroepen. De jeugd vond zijn nummer immers beter en al snel nam hij de fakkel van Gigliola over in de hitparade en werd het één van de grootste San Remo-hits aller tijden. Ook zijn nummer vond de weg naar het buitenland, en werd vooral in Frankrijk een megasucces.

In 1965 nam Bobby Solo revanche en won hij alsnog San Remo met ‘Se piangi, se ridi’, waarmee hij vijfde werd op het Songfestival. Daarmee stak hij Gigliola de loef af, want ook zij nam toen opnieuw deel aan San Remo. Solo scoorde weer een nummer 1 en het nummer stond ook bij ons zelfs op 2, vóór France Gall die toen het Songfestival had gewonnen. In 1966 viel Bobby Solo buiten de prijzen en won Gigliola opnieuw San Remo. Het was echter haar vroegere criticaster Domenico Modugno, die hetzelfde nummer, ‘Dio, come ti amo’, als zij had gebracht op San Remo, die naar het Songfestival mocht. Gelukkig voor haar, want hij werd laatste…

Vanaf half jaren ’70 zette Gigliola haar zangcarrière on hold en ging ze meer acteren, voor haar kinderen zorgen en werd ze presentatrice en tv-journaliste. In 1985 maakte ze een geslaagde comeback op San Remo. Ze nam daarna nog een paar keer deel of was er te gast, maar haar carrière als journaliste bleef voorrang krijgen. In 1990 presenteerde ze samen met Toto Cutugno het Eurovisiesongfestival in Rome, nadat Toto het jaar voordien de tweede Italiaanse winnaar werd. In 2022 bracht ze, 58 jaar na haar overwinning, ‘Non ho l’eta’ nog eens op het Songfestival in Turijn.

Bobby Solo bleef tot het begin van de 70’s veel hits scoren en won in combinatie met Iva Zanicchi San Remo in 1969 met ‘Zingara’. Daarna bouwde hij zijn muziekcarrière af en maakte een tijdelijke comeback in 1980. Hij brengt af en toe nog wel iets uit en blijft een bekende naam.


Andere toppers van Gigliola Cinquetti:

Il primo bacio che daro (1964) (Vervolg op haar songfestivaloverwinning en ook bij ons opnieuw een top 20-hit)

La rosa nera (1967) (top 5-hit en leadsingle van haar gelijknamige tweede album) 

La pioggia (1969) (Gigliola nam tot begin jaren ’70 vaak deel aan San Remo. Naast haar twee overwinningen scoorde ze ook sterk met dit nummer in 1969. Het nummer haalde ook in Frankrijk en Wallonië de top 10 en was in de Franse versie ‘L’orage’ een hit voor France Gall, die het ook op San Remo had gebracht.)

Alle porte del sole (1974) (met dit nummer won ze Canzonissima, een ander Italiaans festival. Het werd een nummer 1 in Italië en ook een bescheiden hit in de Franstalige landen, waar ze inmiddels een graag geziene gast was. Al Martino nam het nummer in het Engels op en haalde er de Amerikaanse top 20 mee.)

Si (1974) (door haar succes op Canzonissima werd ze aangeduid om opnieuw naar het Songfestival te gaan. Er was echter veel commotie rond het nummer. Op dat moment werd er in Italië een referendum gehouden om de echtscheidingswet terug te draaien. Ook al had het nummer daar inhoudelijk niets mee te maken, vreesde de RAI dat ‘Si’ de campagne zou beïnvloeden en als stemadvies zou worden beschouwd. Daarom besloot de RAI het festival pas een maand later uit te zenden en het nummer niet te promoten op radio en tv. Als gevolg werd het maar een bescheiden hit in Italië, hoewel ze wel 2de werd op het festival, na Abba. Het nummer sloeg wel aan, want het werd een hit in Duitsland en Frankrijk, een top 10-hit in Wallonië en de Engelse versie haalde ook de Engelse top 10. Helaas staat het nummer niet op haar verzamelalbums en is alleen de Engelse versie te vinden op Spotify.)


Extra clips:

https://youtu.be/HvArqihIIGI